Dag 1: Verdriet

Prullip. Eigenlijk is het correcte woord pruillip, dat kwam ik net te weten nadat ‘Prullip’ in het rood onderlijnd werd. Maar het voelt niet aan als een pruillip, die ‘ui’, daarbij gaat mijn mond net iets te veel open, dat is net iets te gelukkig. Het klopte wat ik schreef, het is een prul-lip. Zo herken ik mezelf de voorbije dagen: verdrietig zijn. Dat had ik eerst niet door, ik staarde in het oneindige. Ik had niet door dat ik verdrietig was. Soms was ik boos, maar zo’n protestboosheid die je wel eens hebt als je kind bent, herken je het? Alsof de wereld oneerlijk is en ik daar slachtoffer van ben. Maar dat was in de goede momenten, in de meeste ging ik starend door de dagen heen. Steeds luisteren naar mijn gedachten alsof zij met het antwoord zouden komen. En ze deden zo hun best, telkens weer kwamen zij met redenen naar boven waarom het is zoals het is en vervolgens kwamen ze met oplossingen voor die redenen. Waarna ik keer op keer merkte dat dit me niet hielp en dan boos werd op mijn gedachten, maar ze deden zo hun best.

WAT

Wat een vraag was dat ook om aan mijn ratio te stellen. Ik gaf hem een vraag die onmogelijk op te lossen was en werd boos als het antwoord niet goed genoeg was.

Het eerste wat ik dan doe is waarom-vragen stellen. Waarom stelde ik al mijn vragen aan mijn ratio? Waarom keek ik altijd naar boven rechts alsof daar het antwoord te vinden was? Waarom vroeg ik niet aan mijn hartje hoe het zat? Verdriet, of spijt wordt het ook wel genoemd. Alsof je dan het verleden wilt veranderen, maar het verleden bestaat helemaal niet. Dus wil je dan gewoon niet je gevoelsleven nu veranderen? En in non-acceptatie zijn over wat er nu in je leeft kan je nooit ver brengen, buiten net wat verder in het gevoel dat je probeert te vermijden.

Ik ben verdrietig. Soms ben ik ook gelukkig. Maar dat geluk is vaak van korte duur. OHHH, maar het volgende maakt me heel excited. Ken je dat gevoel dat je iets heel leuk meemaakt, een gevoel dat je al lang niet hebt gevoeld? Daar wil ik me altijd aan vasthouden. Maar dat lukt niet, want kort daarna verdwijnt dat gevoel en wordt het al snel overspoeld met verdriet dat ik het leuke gevoel niet kon bijhouden. En het enige wat ik dan bij me houd is verdriet, teleurstelling en boosheid.

Verdriet dat mijn papa is gestorven en een geloofssysteem (hoofd) en angst (gut) die beiden zeggen dat ik dat niet mag tonen rond mensen (en mezelf), (wat nu gelukkig aan het veranderen is), wat ervoor zorgde dat ik in diepe, diepe stilte ging leven. Dan wil je dat verdriet en die kwetsbaarheid die erbij komt zo graag vermijden dat je naar je hoofd gaat en dat hoofd verzint honderdduizenden verhalen voor jou om afgeleid te blijven van die diepe rouw. Maar dat werkt niet zo goed samen met een ziel die op zoek is naar meer vervulling in het leven, naar de herinnering van heelheid. Dus dan worden die gedachten omgevormd tot zoeken naar oplossingen, naar heelheid, en wanneer dat niet bereikbaar blijkt te zijn, dan crash je gewoon nog dieper in die freeze.

Die kwetsbaarheid tonen rond mensen en zorg ontvangen, dat is een van de raarste en meest ongemakkelijke dingen die ik recent ervaarde. Niet ongemakkelijker dan kwetsbaarheid tonen en zorg ontvangen is weerstand en conflict ervaren van de andere persoon bij het uiten van gevoelens. Nee, dat maakte me gewoon boos. Hé, maar dan leer je wel over je gevoelens communiceren. Dan leer je wel er echt voor uitkomen. Wat een spanningsveld, toch? Willen dat er zorg voor je wordt gedragen en dat op hetzelfde moment zo ongemakkelijk vinden.

Anyways, dit was dag 1.

TOT MORGEN,
Wout

Designed with WordPress

Discover more from The Life of Atlas

Subscribe now to keep reading and get access to the full archive.

Continue reading